Tschumipaviljoen in Groningen beklad met antikapitalistische leuzen. 'Wil een mentaal deurtje open wrikken'
In dit artikel:
Kunstenaar Jeroen Jongeleen heeft het Tschumipaviljoen op het Hereplein in Groningen omgetoverd tot een activistisch kunstwerk dat de spanning tussen verlangen naar verandering en het onvermogen die verandering vorm te geven onderzoekt. Het werk, And so on and so on, opent een nieuwe reeks tentoonstellingen onder de noemer Hellend vlak — een titel die zowel naar de schuine positie van de ruimte als naar de onstabiele staat van de wereld verwijst.
Buiten prijken provocerende leuzen, gevormd naar het register van protestbewegingen zoals Extinction Rebellion, boerenacties en demonstraties tegen de verwoesting van Gaza. Binnen maakte Jongeleen een miniatuur-dorp van karton en plaatste drie monitoren met gefragmenteerde beelden die de suggestie wekken van rennende vluchtelingen of een oorlogsgebied. De beelden komen voort uit opnames van oefenterreinen van het Nederlandse leger die Jongeleen als hardloper vaak tegenkomt; plekken die hij ziet als spiegel van bredere maatschappelijke ontwikkelingen.
De kunstenaar, die het project in opdracht van Kunstpunt begon vlak voor de Tweede Kamerverkiezingen, adresseert de vraag waarom radicale vernieuwing zo moeilijk blijkt. Hij verwijst naar het werk van filosoof Slavoj Žižek en laat ook taalprogramma’s als ChatGPT en Gemini meewerken: de door AI gegenereerde slogans vormen cirkelredeneringen die vooruitgang blokkeren en het gevoel oproepen dat protestmomenten telkens worden opgeslokt door het bestaande systeem.
Jongeleen presenteert het geheel als een soort zelfportret en als een open zoektocht — hij noemt zichzelf utopist en benadrukt dat blijven praten en kritisch blijven belangrijk zijn voor democratie. Het kunstwerk roept op tot nadenken over structurele verandering: niet alleen het uiten van alternatieven, maar het genadeloos ontmaskeren van valse hoop en het zoeken naar de kieren binnen het systeem.