Sierd Eijzenga: crimefighter maar bovenal familieman
In dit artikel:
Sierd Eijzenga (54) — geboren en opgegroeid in Friesland — is eind januari overleden. Hij stond bekend als een bevlogen officier van justitie bij het Openbaar Ministerie Noord-Nederland, maar in de eerste plaats waren zijn gezin en zijn werk voor hem van doorslaggevend belang. Na het Drachtster Lyceum studeerde hij rechten in Groningen, werkte kort als jurist bij een accountants- en daarna een advocatenkantoor, en begon in 2001 bij het OM als parketsecretaris. In 2009 stapte hij over naar het parket als officier van justitie en groeide uiteindelijk door tot senior officier.
Eijzenga was het vertrouwde gezicht van het OM in Noord-Nederland: langdurig persofficier die veelvuldig met journalisten sprak over grote zaken — van motorbendes en de zogenaamde blokkade-acties tot het dramatische bootongeluk bij Terschelling. Zijn portefeuille omvatte zware criminaliteit, met name ondermijning, mensenhandel en -smokkel en omvangrijke witwasonderzoeken. Hij leidde langdurige en complexe onderzoeken, vaak met dossiers van duizenden pagina’s, en eiste hoge kwaliteit en tempo van zichzelf en zijn collega’s. Door zijn Fries als moedertaal kon hij ook direct communiceren met de Friese bevolking, wat zijn rol extra waarde gaf.
Privé was Eijzenga een betrokken vader en familieman. Uit zijn eerste huwelijk werden zoon Jelte (2003) en dochter Jasmijn (2005) geboren; na een scheiding organiseerde hij co-ouderschap en zorgde ervoor dat zijn kinderen om de week bij hem verbleven. Later vond hij een nieuwe relatie met Ilse; in 2013 gingen zij en de kinderen in Drachten samenwonen en in 2016 werd dochter Noor geboren. Sierd hield van huiselijkheid: vaste koffierituelen met iets lekkers om 20.00 uur, tochten in de natuur (hij kende talloze routes in de regio), zeilen met het gezin en houten meubelbouw als hobby. Hij verzamelde gadgets en klokkjes, reed graag in zijn Mustang en kluste trots aan zelfgemaakte meubels.
In de zomer van 2025 begonnen rugklachten na een vakantie in Spanje en kort daarna bleek hij aan ongeneeslijke longkanker met uitzaaiingen naar de botten te lijden. Ondanks de pijn en onherstelbare diagnose bleef hij de regie houden, bereidde hij zijn gezin voor op zijn afwezigheid en zei hen aan te blijven genieten: “Blijf genieten en het komt goed.” Op 30 januari overleed hij. Tijdens de drukbezochte uitvaart lagen zijn toga en wetboeken bij de kist; de bijeenkomst werd traditioneel afgesloten met koffie en gebak, en de familie koos zijn favoriete maaltijd, een Chinese schotel, om de dag af te sluiten.
Tijd van Leven, de rubriek waarin dit portret verscheen, belicht recent overleden inwoners uit Drenthe en Groningen en nodigt lezers uit voor tips.